BHV op Maat VOF
Obrechtrode 92
2717 DE  Zoetermeer
Tel: 079 - 331 42 71
Fax: 079 - 331 40 59
www.bhvopmaat.com

Aansprakelijkheid ten aanzien van de hulpverlening

Tijdens de lessen worden vaak vragen gesteld over de aansprakelijkheid van de hulpverlener. De kans dat een hulpverlener wettelijk aansprakelijk wordt gesteld voor zijn hulpverlening of sterker nog dat hij voor de strafrechter moet verschijnen is uiterst klein.

Voor de hulpverlener zijn echter twee rechtsgebieden van belang: het strafrecht en het civiele recht. Het strafrecht houdt zich bezig met overtredingen en misdrijven (de laatste zijn de ernstigste). Het civiele recht oordeelt over onder meer het feit of iemand een ander schade heeft berokkend en daarvoor (financieel) verantwoordelijk moet worden gesteld. Hiermee zou een hulpverlener wel geconfronteerd kunnen worden, hoewel de waarschijnlijkheid in de praktijk erg klein is.

Het strafrecht

Als de hulpverlener weloverwogen en deskundig handelt, hoeft hij niet bezorgd te zijn wanneer het hem overkomt. Er zijn echter enkele artikelen die wel van wezenlijk belang kunnen zijn voor de hulpverlener.

Artikel 450 van het Wetboek van Strafrecht
Iemand die nalaat hulp te verlenen - zonder gevaar voor eigen leven – aan een ander die in acuut levensgevaar verkeert, begaat een overtreding. Als het slachtoffer overlijdt, kan de betrokken aanwezige voor de rechter worden gedaagd. Hulpverleners zullen niet snel met een dergelijke aansprakelijkheid te maken krijgen omdat zij juist een opleiding hebben gevolgd om hulp te kunnen verlenen. Voor degenen die niet over kennis en vaardigheden voor het verlenen van eerste hulp beschikken ligt dit anders. Vaak wordt gedacht dat van mensen zonder kennis van zaken geen actie behoeft te worden verwacht. In hetzelfde artikel wordt ook gesteld dat het nalaten te zorgen voor hulp eveneens strafbaar is. Van mensen zonder opleiding eerste hulp wordt verwacht dat zij in het onderhavige geval maatregelen nemen die ertoe leiden dat de hulpverlening op gang komt. Van een ondernemer kan in dit verband worden verwacht dat hij zorg draagt voor de aanwezigheid van adequate hulp voor het geval er onverhoopt een ongeluk mocht ontstaan.

Artikel 255 van het Wetboek van Strafrecht
Dit artikel zegt dat je een slachtoffer dat aan jouw zorg is toevertrouwd, niet alleen mag laten. Doe je dit wel, dan is er sprake van een misdrijf waarop maximaal twee jaar gevangenisstraf staat. Het even naar een telefoon lopen om te kunnen alarmeren wordt natuurlijk niet onder alleen laten verstaan. Dit is onderdeel van het hulpverleningsprotocol.

Artikel 300 van het Wetboek van Strafrecht
Strafrechtelijk kan iemand nog aansprakelijk worden gesteld wegens mishandeling. Hierbij moet opzet in het spel zijn en dat zal bij de hulpverlener zeker niet gebeuren.

Artikel 307 van het Wetboek van Strafrecht
Dit artikel handelt over dood door schuld. Het gaat hier dan om grove nalatigheid of onkunde. Indien de hulpverlener normaal goed toepast wat hij heeft geleerd tijdens de opleiding kan hij ook daarvoor niet worden aangeklaagd. Van nalatigheid zou ook sprake kunnen zijn als in een bedrijf op het moment van een ongeval adequate hulp ontbreekt.

Artikel 97 van de Wet BIG (Beroepsgroepen In de Gezondheidszorg)
Dit is een artikel over het verbod tot uitvoeren van voorbehouden handelingen door niet-bevoegden. De hulpverlener zal dus de grenzen van zijn kennis en vaardigheden in acht moeten nemen en niet buiten zijn boekje gaan. 

Het civiele recht

Ook de burgerrechter zou – in zeer uitzonderlijke gevallen – een hulpverlener voor het hekje kunnen krijgen als er een civielrechtelijke eis tot schadevergoeding ingediend zou zijn. Dit komt overigens nauwelijks voor en niemand verwacht dat we in de toekomst Amerikaanse toestanden in Nederland zullen krijgen.

In dit geval zijn er drie trefwoorden die van belang zijn: overeenkomst, onrechtmatige daad en zaakwaarneming. 

Overeenkomst
Van een overeenkomst is bij een hulpverlener die op straat een gewonde aantreft natuurlijk geen sprake. De hulpverlener komt bij een ongeval en helpt spontaan. 

Onrechtmatige daad
Van onrechtmatige daad zou sprake kunnen zijn, als de hulpverlener ernstig nalatig is volgens de leerstof. Bovendien moet dat dan opzettelijk zijn gebeurd en moet er een verband zijn tussen de eerste hulp handelingen en de gevolgen voor het slachtoffer. Dat laatste is erg moeilijk bewijsbaar. 

Zaakwaarneming
Tenslotte is er de zaakwaarneming, waarbij de belangenbehartiging van het slachtoffer het sleutelwoord is. Een goede hulpverlener die zijn grenzen kent en niet overschrijdt, die hulp verleent volgens de geldende leerstof, hoeft op dit punt nergens bang voor te zijn. Hij zal de belangen goed behartigen. De zaakwaarneming moet worden voortgezet voor zover dit verlangd kan worden. Deze kan worden gestopt als het niet meer nodig is, bijvoorbeeld als de ambulancedienst de zorg voor het slachtoffer heeft overgenomen. Bij een goede zaakwaarneming is het slachtoffer gehouden de schade te vergoeden die de hulpverlener oploopt, bijvoorbeeld door kapotte kleding of bloed op zijn of haar jas. 

Niet-reanimatieverklaring

Veel mensen dicussiëren over het omgaan met een niet-reanimatieverklaring. Voor hulpverleners kan dit onderwerp tot onzekerheid leiden. Mr. Schipper en Prof. Van Wijmen gaven op de vele vragen hun antwoorden die onderstaand zijn uitgewerkt:
 

  1. Altijd reanimeren; wanneer je een slachtoffer eerste hulp onthoudt, kun je zelf strafbaar zijn.
  2. Er is geen tijd om te zoeken of iemand een niet-reanimatieverklaring in zijn zak heeft, dus moet  je helpen, daar ben je hulpverlener voor. Er is één rechtsgeldige verklaring voor niet-reanimeren. Dit is een speciaal kaartje dat duidelijk en direct zichtbaar wordt gedragen waarop een foto en een handtekening van de betrokkene zijn afgedrukt. Het is echter nog de vraag of de verklaring op dit kaartje kan worden opgevolgd zonder juridische gevolgen (red.).
  3. Zelfs als een familielid zegt dat er zo'n verklaring is, kun je daar niet op afgaan.
  4. Je moet de familie en omstanders duidelijk maken dat elke sconde telt en dat er dus geen tijd is om te zoeken.
  5. De gefundeerde beslissing om de behandeling al of niet te staken kan pas in het ziekenhuis worden genomen.
  6. Indien nabestaanden de hulpverlener toch aansprakelijk stellen, zal de rechter oordelen of er goed gehandeld is. Hij kijkt naar de afwegingen, de intentie en verantwoordelijkheden van de hulpverlener en dan is het uiterst onwaarschijnlijk dat er een veroordeling of aansprakelijkstelling volgt.
  7. Wat zou er gebeuren als een slachtoffer, dat wèl gereanimeerd wil worden, zou overlijden omdat er te lang naar een mogelijke verklaring is gezocht?
  8.  

Bron: Redingwezen